You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Sommige psychoanalytici stellen zich de vraag of het oedipuscomplex zal verdwijnen, rekening houdend met maatschappelijke ontwikkelingen zoals het afbrokkelen van het kerngezin, de verschuiving in culturele normen betreffende seksualiteit en gender, de toename van borderline psychopathologie enzovoorts. Staat het oedipuscomplex wel zo centraal als Freud ons heeft doen geloven? Ook de auteurs van dit boek menen dat een herziening zich opdringt, zij het op andere gronden…
Eerst even terug naar de geschiedenis. Freud zinspeelt op de oedipale situatie in Draft N, daterend van 31 mei 1897, en leidt deze af uit zijn eigen kinderervaring. In een brief aan Fliess van 15 oktober 1897 verwijst hij naar de Griekse mythe. Officieel wordt dit voor het eerst benoemd als het kerncomplex van de neurose in het vierde college Over psychoanalyse aan de Clark University in 1910. Kort na deze lezing gebruikt Freud de term oedipuscomplex in zijn verhandeling Over een bijzonder type van objectkeuze bij de man.
De auteurs pleiten voor herziening vanuit hun studie van de mythologie. Freud heeft zich namelijk toegespitst op één versie van de mythe, namelijk die van Sophocles' tragedie Oedipus Tyrannos die hem hielp een fundamenteel structurerend moment in de psychoseksuele ontwikkeling van de man te begrijpen. Dit is echter slechts één versie van het oedipusverhaal. In de visie van Freud levert de zoon strijd met de vader om de exclusieve liefde van de moeder, waarbij hij haar wil bezitten. De dochter zou hetzelfde