You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Key concepts of lacanian psychoanalysis is exact dezelfde uitgave als die uit 1998 met twee uitzonderingen: de uitgever is van Rebus Press overgegaan in Karnac Books en de redacteur Dany Nobus is ondertussen professor geworden aan de Brunel University in Londen. Verder is er helemaal niets veranderd aan de inhoud van het boek en wat mij betreft zou dat ook niet nodig zijn geweest, want het is een voortreffelijk boek, een uitgebreid en begrijpelijk commentaar op enkele belangrijke theoretische noties van Jacques Lacan; jouissance, de discoursetheorie, het symptoom, het verlangen, de psychose, het spiegelstadium, de Borromeaanse knoop en het niet bestaan van het subject. In het eerste hoofdstuk verkent Dylan Evans het inmiddels welbekende begrip «jouissance ». Jouissance is het ongrijpbaar genieten dat ontsnapt aan de symbolische orde en wordt gesteld tegenover het verlangen. Terwijl het verlangen zich uitdrukt in de taal laat de jouissance zich niet vangen in welk woord dan ook.
Een citaat van Lacan laat het verschil zien: « Verlangen presenteert zichzelf als een wil tot jouissance» (Lacan 2004, cursivering JdK). Jouissance is een genieten van en door het lichaam. Volgens Lacan is de jouissance de enige substantie die de psychoanalyse erkent. Jouissance wordt in verband gebracht met het « symptoom », datgene wat zich afspeelt aan gene zijde van de taal. Hoofdstuk 2 is samengesteld door Bruce Fink, evenals Evans een gerenommeerde lacaniaan die de meester-betekenaar en de discoursetheorie van Lacan behandelt. Er bestaan vier soorten discourses: het meesterdiscours, het universitair discours, het hysterisch discours en het analytisch discours. De eerste twee, het meesterdiscours en het universitair discours vertegenwoordigen de wetenschappen. Lacan zegt daarover dat wetenschap gedurende eeuwen de waarheid in de weg heeft gestaan en hij heeft het hier niet over de prehistorie of de middeleeuwen, maar over de moderne tijd. Een grover provocatie ten aanzien van de academisc