You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
We treffen elkaar in de eigen biotoop van psychiater Jaak Le Roy, in Korbeek-Lo bij Leuven. Samen met zijn vrouw, Irène Koenders, woont hij daar al meer dan veertig jaar. Vroeger vonden hier vaker studiebijeenkomsten plaats en werden met een stel bevriende collega's teksten gelezen van onder andere Melanie Klein, Winnicott en Maud Manoni. De avond sloten we steevast af rond de keukentafel, met een donkere trappist. De woning en de ruime tuin lijken in die jaren helemaal anders geworden en tegelijkertijd hetzelfde gebleven. Een verrassende woning op de uitloop van een helling, tegen de velden aan. Sinds enkele jaren wonen er in de boomgaard nog een vijftiental bijenvolken, want Jaak is in zijn pensioentijd imker geworden. Het huis toont ook veel hedendaagse kunst. Vooral van Patrick van Caeckenbergh.
TvPa [Jo Smet & Fons Van Coillie namens het Tijdschrift voor Psychoanalyse en haar toepassingen (TvPa)]: Jaak, laat ons beginnen bij je jeugd. Vertel eens iets over je afkomst. JLR [Jaak Le Roy]: Ik ben opgegroeid in het West-Vlaamse Staden, een gemeente tussen Diksmuide en Roeselare. In de loop der jaren ben ik steeds meer de impact gaan beseffen van die omgeving en van de ervaringen uit mijn jeugd op een aantal keuzes die ik onbewust heb gemaakt. In 1914 vluchtten mijn grootouders van beide kanten voor het oorlogsgeweld naar Frankrijk, waar ze een nieuw leven hebben moeten opbouwen. De familie van mijn vader is pas in 1923 teruggekomen. Mijn familie speelde al verschillende generaties een leidende rol in het lokale verenigingsleven van de liberale partij. Deze vrijdenkende minderheid voerde oppositie tegen het beleid van de heersende Christelijke Volkspartij: « Durf vrij te zijn en bied zo nodig weerstand », was de boodschap van mijn grootvader en vader. Als oudste zoon voelde ik de stille verwachting in hun voetsporen te zullen treden. Van mijn moeder kwam een heel andere boodschap. Van haar moest ik vooral in leven blijven — haar eerste zoon was ze in 1943 tijdens bom