You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
De Callboys1 is een Vlaamse televisieserie waarin de mannelijke seksualiteit op komische wijze op de spits wordt gedreven. Een groepje vrienden start een zaak waarin zij net dat ietsje meer aanbieden in de call-business: geen drugs en rock-'n-roll, wel gouden drank, kleverige dialogen en rijkelijk gepronk met fallussen. En hoewel onze jongens op seksueel vlak niet echt prikkelend te noemen zijn en er allicht betere porno en meer soevereine erotiek bestaat, kunnen ze menig mensenhart veroveren. Wat is het dat op een verwarmende en vitaliserende manier aantrekt en verbindt? De tragikomische golfbewegingen, van kinderlijke zelfoverschatting tot vernedering die zo herkenbaar zijn? De tussentijdse schakels van troostende verbinding?
Onze Callboys, verbonden in wat men een « bromance » noemt, laten hun infantiele narcistische verlangens in een gedeelde illusie van zelfoverschatting heropleven in de belichaming van honderden gepersonaliseerde dildo's en roepen zo het failliet van hun bedrijfje over zich af.
Jay Vleugels, met zijn fenomenale blonde paardenstaart, is mijn favoriete personage. Zijn dildo geornamenteerd met dito staart en vleugels spant de kroon. Als na een episode van brekende rivaliteit en regressie Jay zich wil herpakken, belandt hij door overschatting van eigen krachten met een verlamming in het ziekenhuis. Hij zal nooit meer zijn vleugels kunnen spreiden in een race op zijn motorfiets. Als gebaar van troost en herstel recyclet zijn rivaliserende vriend de remkabels van zijn moto en weeft ze door zijn lange blonde staart, plechtig vastgehecht met het merkplaatje « Triumph ». Wanneer ze opgetogen op pad gaan, slaat het noodlot meedogenloos toe als het merkplaatje tussen de deuren van de lift blijft steken.
Soms, als ik de behoefte voel me te willen onderscheiden, als verdediging tegen een kwetsbaar zelfgevoel en me zodoende weer eens op een gevaarlijk hellend imaginair vlak dreig te begeven, groet ik hem vanbinnen: « Hallo Jay ».
Zijn specifieke manier om zijn