You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
« Writing is a way of getting rid of shame. When you write the whole idea is to be free. And what are you free from? From people looking at you. I think shame is an essential mechanism in social life. It regulates everything and makes people behave in a decent and appropriate way to each other. But I have kind of too much, an overdose. I'm so restricted I can't do anything » (Knausgård in Anthony, 2015).
Zolang als ik me kan herinneren houd ik van dikke boeken. Zoals ik ook houd van lange vriendschappen en van langlopende therapieën. Van het volgen van een ander met wie ik me verbonden voel, door wie ik geboeid en geraakt word, van wiens leven ik getuige mag zijn. Literatuur is een plek waar je, net als in de therapiekamer, onbeschaamd kunt gluren door een kiertje naar het leven van een ander.
Soms voelt het schaamteloos, dat gluren. Of geeft het plaatsvervangende schaamte. Zoals bij het zien van de titel van de zesdelige boekenreeks van de Noorse schrijver Karl Ove Knausgård (geb. ) Mijn strijd (Min kamp), een overduidelijke verwijzing naar Mein Kampf van Adolf Hitler. Die durft! In zijn romancyclus, verschenen tussen 2009 en 2011, gaat Knausgård « zijn strijd » aan door te schrijven over zijn eigen dagelijks leven als vader met jonge kinderen en een vrouw met een psychiatrische kwetsbaarheid. Als ware het een zelfanalyse legt hij verbindingen met zijn levensgeschiedenis, waarin een centrale rol is weggelegd voor het thema van de onveilige relatie met zijn vader. In de ruim drieduizend pagina's lange beschrijving van overwegend doodgewone dingen is de spanning steeds voelbaar; wellicht een knappe illustratie van de basale onveiligheid in Knausgård zelf.
Anja Meulenbelt schreef De schaamte voorbij (Meulenbelt 1976) onder haar eigen naam, omdat het anders zou lijken alsof ze zich nog steeds schaamde (Maks 2020). Ook Knausgård schreef over zijn leven met naam en toenaam. Hij ging echter verder door de meeste personages met hun echte namen ten tonele te brengen, zonder to