You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
In het klinisch dagboek van Ferenczi wordt verwezen naar patiënte rn, die ernstige problemen veroorzaakt tijdens haar analyse. Wie was rn? Ze is dankzij het onderzoekswerk van Jeffrey Mason herkend als Elizabeth Severn, die een bekende psychoanalytica is geworden . Rachman (2018) heeft haar betekenis voor de psychoanalyse beschreven in een studie van haar geschriften, de brieven van haar dochter (een internationaal bekende danseres), het interview van Eissler uit 1952 en getuigenissen van een analysant. Alle documenten zijn hem ter beschikking gesteld door Peter Libskis, de testamentair uitvoerder van haar dochter Margareth, die vlak voor haar dood in 1997 het werk van haar moeder aan hem heeft geschonken. De Severn Papers zijn nu ondergebracht in de Freud Archives van het Library of Congress te Washington. Severn is door Sigmund Freud als een « kwaadaardig genie » bestempeld (Jones 1957, p. 407). Ze zou Ferenczi tot de ondergang hebben gebracht, waardoor hij al zijn geloofwaardigheid in de psychoanalytische wereld heeft verloren. Beiden zijn ten onrechte zwartgemaakt. Ferenczi is respectvol met Severn omgegaan en heeft op grond van zijn ervaring met haar een pleidooi gehouden voor een passievrije analytische relatie, om hertraumatisering van de patiënt zo veel mogelijk te voorkomen. Zowel Ferenczi als Severn is het slachtoffer geworden van een strategie die wel vaker in psychoanalytische kringen is toegepast. Een collega die er een dissidente mening op na houdt wordt gaandeweg afstandelijker bejegend en uiteindelijk doodgezwegen. Tenminste, dit is de visie van Rachman. Het experiment van Ferenczi zou ook in onze tijd tot klachten, afkeuring en zelfs uitsluiting uit de psychoanalytische vereniging kunnen leiden.
De mutuele analyse van Severn bij Ferenczi was een klinisch experiment en zou aldus herinnerd moeten worden. Hiermee is de basis gelegd van de relationele en de intersubjectieve analyse, waarin andere basiselementen centraal staan: luisteren naar en leren van