You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Neutraliteit en abstinentie blijken moeilijk te definiëren concepten. Waar abstinentie meer vertegenwoordigt wat de therapeut doet of juist nalaat te doen, heeft neutraliteit betrekking op wat deze voelt, denkt en vindt. De therapeut zou zich neutraal moeten verhouden tot religieuze, ethische of sociale normen en waarden. Neutraliteit is in essentie onbevooroordeeld luisteren, naar analogie van Bion, zonder herinnering of verlangen, en toont juist daarin empathische betrokkenheid.
In de wereld van de psychoanalyse en haar toepassingen staan neutraliteit en abstinentie onder druk. Er is namelijk veel veranderd in de neutrale houding die een psychoanalytisch werkend therapeut placht in te nemen. Denk aan Freuds vergelijking met een chirurg. Voor Freud impliceerde neutraliteit echter niet zozeer emotionele afstand of een gebrek aan betrokkenheid, maar veeleer een niet-oordelende of niet-moraliserende houding. Na Freud is neutraliteit, en met name ook abstinentie, veel strenger geïnterpreteerd: een psychoanalyticus mocht in het openbaar eigenlijk niet gezien worden en moest bij voorkeur op de achtergrond blijven, daarmee ruimte biedend aan overdracht en projectie.
De laatste jaren is er meer openheid gekomen, niet in de laatste plaats door de toegenomen maatschappelijke behoefte aan transparantie, die sterk gevoed wordt door sociale media. Een praktijkwebsite inclusief persoonlijke informatie is onmisbaar geworden. De medemenselijkheid wordt actiever gepraktiseerd en de afstand wordt kleiner. Er wordt korter gezwegen en vousvoyeren wordt als ouderwets beleefd. De kans dat patiënt en analytisch therapeut elkaar ontmoeten in de openbare ruimte, bij een filmvoorstelling of op een festival, is toegenomen. De psychoanalyticus is minder een zwijgzaam projectiescherm en meer een actieve steun en toeverlaat. In technische termen verwoord heeft de eenpersoonspsychologie met de duidende alwetende afstandelijke psychoanalyticus plaatsgemaakt voor de psychoanalyse als een intersubjec