You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Allereerst wil ik mijn dank uitspreken aan mijn patiënte die mij toestemming gaf ons materiaal te gebruiken, en daarnaast aan Claudia de Vin en Willem Heuves voor hun betrokken commentaar. Het helpt mij ook bij het verteren van ons voedsel, wat achteraf beschouwd misschien wel de tweede bedoeling van de titel was.
De fantasie over of een analyse zou passen, komt voort uit wat haar uitspraken over de bank bij mij teweegbrengen, maar het voelt soms ook al als een analyse, in hoe het stroomt. Hoewel het soms zó hard stroomt dat zij zelf bijna voelt als een tsunami. Toch ben ik nu niet bang dat we verdrinken of overspoeld worden. De enige mogelijkheid om dit proces met elkaar door te maken, lijkt om te ontvangen, te dromen en mee te resoneren. Dat het soms voelt alsof ik meer tijd nodig heb om wat zij brengt echt te kunnen laten doordringen, heeft daarnaast wellicht te maken met het vervreemdende van de meertaligheid, zoals beide collega's bespreken. Aanvullend wil ik graag noemen dat mijn patiënte en ik af en toe woorden uit onze eigen taal gebruiken, wanneer we er niet uitkomen en toch een bepaald gevoel willen overbrengen. We zoeken soms samen naar de reden voor bepaalde woordkeuzes. Bovendien hebben we woorden die terugkeren, die van ons zijn, zoals Futter. We lijken elkaar daarin te begrijpen, inderdaad een derde transitionele taal te hebben ontwikkeld, en niet alleen in woorden. Haar eigen moedertaal, zegt ze, is ook de taal van haar moeder, maar dat is niet de taal van het land van haar vader, waarin ze opgroeit. Het zijn westerse talen met een verschillende herkomst, terwijl de moedertaal van haar vriend een niet-westerse taal is. Pas nu ik dit schrijf bedenk ik me dat als we in een andere taal dan Engels spreken, of als ik haar vraag naar haar « eigen taal », zij veelal kiest voor woorden uit haar vaders taal en niet uit die van haar moeder. Dat roept alsnog de vraag op in hoeverre primitieve betekenissen überhaupt kunnen worden gedragen.
Er is een familiegeschie