You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
« Oorlogen zijn de aardbevingen der geschiedenis; ze ontstaan schijnbaar even onverwacht en ze hebben even diepliggende, onvermijdelijke oorzaken. »
De barbaarse wereldoorlogen in de eerste helft van de twintigste eeuw, het toenemend antisemitisme en de economische uitputting van Europa lieten Freud niet los. Enkele maanden na het uitbreken van de Grote Oorlog schreef Freud in een brief aan Frederik van Eeden (Freud 1914):
« Onder invloed van deze oorlog neem ik de vrijheid u twee door de psychoanalyse gedane beweringen in herinnering te brengen die er stellig toe hebben bijgedragen om haar bij het publiek ongeliefd te maken.
Uit de dromen en lapsussen van gezonde mensen en uit de symptomen van neurotici kunnen we concluderen dat de primitieve, wilde en kwade impulsen van de mensheid bij geen enkel individu zijn verdwenen; ze bestaan nog voort, verdrongen, in het onbewuste, wachtend op geschikte aanleidingen om weer actief te worden.
Voorts heeft deze ervaring ons geleerd dat ons intellect een broos en afhankelijk iets is, een speelbal en werktuig van onze driftneigingen en affecten, en dat wij ons allen scherpzinnig of zwakzinnig gedragen, al naar gelang onzer attitudes en innerlijke weerstanden het vereisen. »
Deze brief werd door Van Eeden in het Duits gepubliceerd in De Groene Amsterdammer, januari 1915 (Van Eeden & Freud 1915).
In Actuele beschouwingen over oorlog en dood (Freud 1915) verwoordde Freud de grote ontgoocheling in de cultuurmens die zich, verblind door haat, verliest in het bloederig afslachten van een ander volk en daarbij alle ratio verloren schijnt te hebben.
« Hoe is het mogelijk », vraagt Freud zich af, « dat een geciviliseerde maatschappij een groot aantal mensen voor zedelijke gehoorzaamheid wil winnen, zonder zich te bekommeren om de lotgevallen van hun driftleven? »
Het was in het kader van het Instituut voor Intellectuele Samenwerking van de Volkerenbond, opgericht na het Verdrag van Versailles als supranationale