You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Wanneer psychotherapeuten een lange tijd naar al de verhalen van patiënten geluisterd hebben, willen sommigen van hen zelf ook wel wat daarover meedelen aan anderen, en daar is niets mis mee. Integendeel, want anderen — vaak professionals, maar ook geïnteresseerde leken — kunnen daar hun voordeel mee doen. Eaton is een jonge auteur in opleiding tot een jungiaans psychoanalyticus die goed kan schrijven. Heel vaak sloven psychotherapeutische auteurs zich uit in het zich verschuilen achter doorwrochte teksten, anderen schrijven eindeloze verbatim verslagen gelardeerd met geniale duidingen van henzelf, en nog anderen verliezen zich in theoretische en zeer technische uiteenzettingen. Zo niet Arthur Eaton, basispsycholoog, filosoof en schrijver die een praktijk voert voor analytische therapie in Amsterdam. Ook publiceert hij in NRC Handelsblad en De Groene Amsterdammer. Het boek Waar ik ophoud — Psychoanalytische essays is een afspiegeling van de persoon van de auteur, die zijn werk als therapeut met patiënten schetst en daarbij zijn eigen reacties, overwegingen en terzijdes de vrije loop laat. Soms schiet hij onderweg een zijstraat in met een beschouwing over een sociaal thema of een autobiografische aangelegenheid.
De auteur vermeldt in de verantwoording dat hij schrijft voor een algemeen publiek. Daarom vermijdt hij vakjargon en neemt hij de vrijheid om veelgebruikte terminologie in de ggz daar waar nodig een kleine situering en uitleg te geven.
In een vlotte stijl geeft Eaton afwisselend een korte casuïstische impressie en een wat uitgebreidere essayistische indruk van een maatschappelijk verschijnsel dat samenhangt met de ggz, bijvoorbeeld een beschouwing over het gebruik van antidepressiva, die nauwelijks werkzaam blijken te zijn (Le Noury e.a. 2015; Bijl 2019). De stukken en stukjes tekst wisselen elkaar af zonder dat er een bepaalde samenhang in te bespeuren valt. De titels van deze teksten zijn even aspecifiek als geheimzinnig: ‹ Gij zijt dat … ›, ‹ Verlangen verla