You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Bij het openslaan van deze bundel zijn het de illustraties die onmiddellijk de aandacht trekken. Kleurrijke raadselachtige foto's die mooi afgestemd zijn op de inhoud van het boekje Seks in de praktijk.
De redactie vond dat in een bundel als deze aandacht voor het werk van de Franse analyticus Jean Laplanche niet mocht ontbreken. Laplanche was, als vertaler van het enigmatische, een verbinder in tijd en theorievorming tussen Freud met zijn verleidings- en drifttheorie en het oedipuscomplex, en het ontwikkelingsmodel van seksualiteit van Peter Fonagy en Mary Target, gebaseerd op vroege affectieve spiegeling. Laplanche veronderstelt dat we het ontstaan van verlangen en seksualiteit niet moeten zoeken in de biologie of in de driften. Hij ziet het ontstaan van de seksualiteit in de interactie van de ouder met het kind, in het doorgeven van het onbewuste denken, voelen en doen van de ouder. Het kind krijgt verwarrende, raadselachtige boodschappen die het niet kan begrijpen, laat staan integreren. De kerngedachte van Laplanche is dat de drijvende kracht van de menselijke seksualiteit voortkomt uit de behoefte om een verloren object, het onbegrijpelijke van de ouder, te vervangen door een denkbeeldig/fantasmatisch object. De ideeën van Laplanche resoneren bij het lezen van vrijwel elk hoofdstuk in dit boek.
Met de vraag «Is seksualiteit van onszelf?» borduurt Mary Target in hoofdstuk 2 voort op de theorie van Laplanche en vraagt ze zich af hoe de «verleiding» van de moeder de opwinding van de baby seksualiseert. Ook vraagt ze zich af hoe «het komt dat het objectvinden en objectrelaties zo centraal blijven staan in de volwassen seksualiteit». In een boeiend hoofdstuk, waarbij begrippen als spiegelen, mentaliseren, containment en fantasie een belangrijke rol spelen, probeert ze daar antwoorden op te vinden. Daarnaast besteedt ze aandacht aan de implicaties van haar bevindingen voor de overdracht.
Paul Verhaeghe richt zich in het volgende hoofdstuk op drie markante gebeurteniss