You do not currently have permission to view the full text for this document. Please sign in to an account with an active subscription or contact support.
Kort voor zijn overlijden op 28 november 2021 gaf Harry Stroeken me de Franse uitgave van het boek van Artemidoros van Daldis cadeau (Artémidore 1975). Het lezen ervan raakte me diep. In deze bijdrage voor de rubriek Histories wil ik stilstaan bij de betekenis van Artemidoros voor de droomduiding — en tegelijk een eerbetoon brengen aan wijlen Harry Stroeken.
Stroeken (2005, p. 186) noemt het Oneirokritikon van Artemidoros het belangrijkste wetenschappelijke geschrift uit het antieke Griekenland over dromen. Het werd in het Arabisch vertaald en vormde de basis voor droomboeken die tot op heden verschijnen. Het boek was bijzonder populair in de vroegmoderne tijd: in 1724 kende het zijn 24e Engelse herdruk. Freud las de Duitse vertaling van Krauss uit 1881. Eind negentiende eeuw werden passages over seksuele dromen als schandalig beschouwd en daarom weggelaten. Freud heeft het belang van openheid over seksuele en incestueuze thema's onderstreept en zo bijgedragen tot het verminderen van deze censuur. De Nederlandse vertaling van Artemidoros’ Oneirokritikon verscheen pas in 2003.
Artemidoros (ca. 135-200 n.Chr.) was droomuitlegger. Hij publiceerde onder de naam van Daldis — en niet van zijn geboortestad Ephese — uit erkentelijkheid jegens de geboorteplaats van zijn moeder. Zijn droomepos bestaat uit vijf boeken. De eerste drie droeg hij op aan Cassius Maximus, een bekend redenaar en filosoof. De laatste twee wijdde hij aan zijn zoon, als overdrager van de traditie. Freud (1900, p. 118 voetnoot ) ontleende aan hem de droom van Alexander de Grote, als voorbeeld van letterlijke duiding: Alexander droomde dat een sater op zijn schild danste; de droomuitlegger Aristander zag hierin een aanwijzing dat hij de stad Tyros mocht innemen (« sa Tyros » – Tyros is van u).
In de oudheid werden dromen gezien als bezoekingen van een god. Ze maakten toekomstvoorspelling mogelijk en hadden een profetische functie. Dromen kwamen van buitenaf en werden gezonden door goden die ze in de slapend